zondag, september 26, 2004

26 september 2004

Het ontbijt lijkt zover weg na deze indrukwekkende dag. Laat ik maar bij het begin starten. Matig geslapen en eerst maar een warme douche genomen om bij te komen. Hoopvol trekken we naar het restaurant, waar de voltallige bevolking al aan het ontbijt zit. Op onze tafel staat een bord met vier plakjes kaas, en een schoteltje met iets dat op een rozetje kwark lijkt. Jan's uitdrukking "Ja Droge, je kunt maar beter goed eten als je de kans krijgt" gaat nog eens een eigen leven leiden. Er volgt pap, die ik na even proeven, niet door mijn keel ga krijgen. Gelukkig volgen er ook nog gefrituurde plakken knakworst. Yummie!

Om negen uur rijdt Timur de auto voor en gaan we onderweg naar Song Kul. De eerste stop is in Kochkor, daar stappen we uit omdat ik bij de Woman's Co-operative wil kijken. Helaas voor mij, de toko is dicht. Dan maar even wat rondlopen. Kochkor heeft een druk straatbeeld. Er is een kleine bazar met allerlei fruit en even verder op wordt mijn neus getroffen door een schapenlucht. Dat blijkt te kloppen. Op een houten tafel in een kraam, ligt een heel geslacht schaap uitgestald. De vrouw achter de toonbank is bezig de darmen van het schaap in vorm te kneden, tussen andere stukken schaap in. De lucht is ontzettend penetrant, maar het schouwspel fascineert me wel. Er is veel aanloop, maar niemand koopt iets. Op straat is veel te zien. Kinderen die zwaaien, lachen, mannen en vrouwen op ezelkarren en paarden. Overal bedrijvigheid. Opeens stopt er een politieauto die druk gaat omroepen. Navraag leert dat een auto geen vergunning heeft om in die straat te komen. Niemand trekt zich iets van het kabaal aan trouwens. Ook de chauffeur van die auto niet. We kopen dus niets, en rijden door.

Onderweg nog even lunchen, weer bij een uitstalling van allemaal caravans. Lunch! Het eerste tentje is al uitverkocht, dus gaan we naar een tweede. Na een inspectie door Timur kunnen we plaats nemen in de caravan. Op frisse posters in de caravan na, is er weinig fris. "Visje?" "Nou graag!" Volgens de vrouw komt de vis uit Song Kul, maar die mededeling vertrouw ik niet echt. Het gesis van de olie is echter geruststellend. Dan is de vis tenminste goed verhit geweest. Als de vis later (koud) voor me wordt gezet besluit ik alleen de filets te eten en het vel te laten liggen. Het smaakt best aardig, zeker met wat brood en thee er bij. Buiten spelen kinderen die graag op de foto willen. Daar voldoe ik graag aan, omdat ik het tot nu toe erg genant heb gevonden mensen recht in het gezicht te fotograferen. Digitale camera's hebben ze kennelijk eerder gezien. Ze dringen meteen om me heen om naar de afbeelding te kijken. Ze zwaaien ons na als we weer vertrekken.



De weg naar Song kul stijgt gestaag en laat het ene na het andere mooie scenario zien. Overal vee (paarden, schapen, koeien) tot hoog op de hellingen zelf. Hoe is het mogelijk dat die beesten daar kunnen komen. Met mijn neus tegen het raam geplakt gezeten. Uiteindelijk zien we het meer. Maandenlang heb ik een plaatje van dit meer als wallpaper op mijn computer gehad. En nu ben ik hier. Ongelofelijk is dat. Het meer is als een schitterende blauwe kogel in groen en gele weilanden te zien. Het ligt op 3016 meter. We zouden aanvankelijk in een Yurtenkamp overnachten, maar het is hier 's nachts min 15 graden celcius. De yurts zijn niet verwarmd...

Ik zie overal vee, galopperende paarden die zelfs door kinderen als bezetenen bereden worden. We hebben geluk, volgens Timur. Het meer is zelden zo mooi, en het weer zelden zo goed. We vergapen ons aan de schoonheid, die met geen pen te beschrijven is. Een bezoek aan het yurtenkamp. De vrouw verwelkomt me met een Salaam Aleikum, en blijkt 65 jaar te zijn. Ze heeft 11 kinderen gebaard. We kijken rond en maken foto's. De kinderen krijgen een meegebracht Hema kleurboek en kleurtjes als dank. De moeders waarderen die geste wel. Verder, en af en toe een fotostop. Jan blijft foto's schieten, want hij houdt zoveel van de dieren!
Als er weeral een filmpje op is, zegt hij dat ik maar wat meer digitaal moet gaan fotograferen. Het meer is zo indrukwekkend! Wat ook opvalt, is dat we nog niet een tegenligger zijn tegengekomen. Mensen kijken redelijk op als ze onze bus voorbij zien komen. Sommigen komen hard aanrennen om te kijken of een vraag te stellen.

Na Song Kul besluiten we via een alternatieve route naar Naryn te gaan, via een pas die niet altijd begaanbaar is. Na een hoop gekronkel over wegen waar soms stukken uit weg zijn, komen we bij een heuvel aan, die het eind van het bassin is. Direct na deze heuvel ontvouwt zich een spectaculair zicht over alle bergen heen, naar de At Bashy range. Het is het meest geweldige uitzicht dat ik ooit had. Over bergen en dalen kijk ik naar die ijzige pieken (7000 meter hoog) in de verte. Hoe moet ik nu beschrijven hoe mooi dat is. Dat kan gewoon niet. Jullie moeten er zelf maar gaan kijken. Kyrgyzstan is verreweg het mooiste land dat ik op natuurgebied zag. Van de ene visuele rollercoaster naar de volgende. Van bovenaf zien we de onverharde weg die in talloze haarspelden naar beneden leidt. Geen wegafzetting, gaten in de weg, eigenlijk erg gevaarlijk. Gelukkig is Yusup een ervaren chauffeur. Timur en hij overleggen in de auto regelmatig hoe een bepaalde bocht genomen moet gaan worden. Ondertussen zitten Jan en ik rekhalzend achterin de wagen. Kijken, kijken en nog eens kijken..


Aan het eind van de dag bereiken we Naryn. Het hotel waar we zouden overnachten is vol, dus worden we naar het Celestial Mountains Guesthouse gebracht. Dat is geen slechte deal. Goede bedden, hete douches, alles brandschoon. Alle cafe's zijn dicht. Bij de supermarkt brood, kaas en worst gekocht voor het diner. Onze kamer heeft een balkon, en dus sluiten we de dag weer af met een glas whisky.